Vervangende afbeelding

Venetoclax-obinutuzumab (Ven-O)

Venetoclax in combinatie met obinutuzumab wordt gebruikt voor de behandeling van volwassen patiënten met een onbehandelde chronische lymfatische leukemie (CLL). Bij minder fitte patiënten zonder 17p-deletie of TP53-mutatie is deze combinatie een optie, zowel bij IGHV-gemuteerde als IGHV-ongemuteerde CLL en bij zogenoemde subset-2-patiënten. Bij IGHV-gemuteerde patiënten heeft Chlorambucil met Obinutuzumab de voorkeur en daarna Ven-O. Bij IGHV-ongemuteerde CLL en bij subset-2-patiënten is Ven-O de eerste keuze.

Bij CLL-patiënten met een 17p-deletie of TP53-mutatie raadt de richtlijn meestal eerst een behandeling met een BTK-remmer (zoals ibrutinib, acalabrutinib of zanubrutinib) of met de combinatie venetoclax en ibrutinib aan. Venetoclax met obinutuzumab kan in die situatie in sommige gevallen, in overleg met de behandelend arts, als alternatief worden gekozen.

Behandeling

Venetoclax in combinatie met obinutuzumab wordt gebruikt voor de behandeling van volwassen patiënten met eerder onbehandelde chronische lymfatische leukemie. Bij CLL-patiënten met 17p/TP53 mutatie heeft venetoclax met obinutuzumab een gelijke waarde ten opzichte van ibrutinib. 

Venetoclax wordt gegeven gedurende in totaal 12 cycli; elke cyclus bestaat uit 28 dagen: 6 cycli in combinatie met obinutuzumab, gevolgd door 6 cycli met venetoclax als enige middel.

Cyclus 1 begint met de toediening van 100 mg obinutuzumab op dag 1, gevolgd door 900 mg die kan worden toegediend op dag 1 of dag 2 van cyclus 1. Op dag 8 en dag 15 van cyclus 1 en op dag 1 van elke volgende cyclus van 28 dagen, gedurende in totaal 6 cycli, wordt 1000 mg obinutuzumab toegediend.

Venetoclax moet gedurende een periode van 5 weken geleidelijk worden opgehoogd naar de dagelijkse dosis van 400 mg. De startdosis van venetoclax is 20 mg eenmaal daags gedurende 7 dagen en begint op dag 22 van cyclus 1. Het 5-weekse dosisopbouwschema van venetoclax is bedoeld om de tumorlast geleidelijk te verminderen en het risico op tumorlysissyndroom (TLS) te verminderen. Na het voltooien van het dosisopbouwschema is de aanbevolen dosis venetoclax 400 mg eenmaal daags vanaf dag 1 van cyclus 3 tot de laatste dag van cyclus 12.

Gebruik

Venetoclax wordt gegeven gedurende in totaal 12 cycli; elke cyclus bestaat uit 28 dagen: 6 cycli in combinatie met obinutuzumab, gevolgd door 6 cycli met venetoclax als enige middel.

Cyclus 1 begint met de toediening van 100 mg obinutuzumab op dag 1, gevolgd door 900 mg die kan worden toegediend op dag 1 of dag 2 van cyclus 1. Op dag 8 en dag 15 van cyclus 1 en op dag 1 van elke volgende cyclus van 28 dagen, gedurende in totaal 6 cycli, wordt 1000 mg obinutuzumab toegediend.

Venetoclax moet gedurende een periode van 5 weken geleidelijk worden opgehoogd naar de dagelijkse dosis van 400 mg. De startdosis van venetoclax is 20 mg eenmaal daags gedurende 7 dagen en begint op dag 22 van cyclus 1. Het 5-weekse dosisopbouwschema van venetoclax is bedoeld om de tumorlast geleidelijk te verminderen en het risico op tumorlysissyndroom (TLS) te verminderen. Na het voltooien van het dosisopbouwschema is de aanbevolen dosis venetoclax 400 mg eenmaal daags vanaf dag 1 van cyclus 3 tot de laatste dag van cyclus 12.

Bijwerkingen

Veelvoorkomende bijwerkingen bij venetoclax zijn:

  • Tumorlysissyndroom (TLS)
  • Bloedarmoede
  • Tekort aan witte bloedcellen
  • Diarree en verstopping
  • Longklachten
  • Misselijkheid en braken
  • Vermoeidheid

Obinutuzumab (immunotherapie):

  • Tekort aan bloedplaatjes
  • Tekort aan witte bloedcellen
  • Bloedarmoede
  • Diarree
  • Haarverandering
  • Jeuk
  • Hoofdpijn
  • Koorts
  • Infuusreacties
  • Slapeloosheid
  • Krachtvermindering